‘French Moderns’ tentoongesteld in Frick Pittsburgh als onderdeel van de rondreizende kunsttentoonstelling

'French Moderns' tentoongesteld in Frick Pittsburgh als onderdeel van de rondreizende kunsttentoonstelling

Je hoeft waarschijnlijk geen enkele liefhebber te vertellen dat de Fransen behoorlijk goed waren in schilderen, vooral van het midden van de 19e tot het midden van de 20e eeuw.

Maar voor het geval iemand overtuigd moet worden: je hebt nog ongeveer een maand de tijd om “French Moderns: Matisse / Renoir / Degas” in Frick Pittsburgh op te nemen.

De rondreizende show omvat zo’n 60 schilderijen en sculpturen uit het Brooklyn Museum van tientallen kunstenaars, niet alleen de grote namen in de titel. In de titel staan ​​ook drie schilderijen van één grote naam: Monet, wiens prachtige ‘Houses of Parliament, Sunlight Effect’ een van de drie doeken is die Frick halverwege de zestien weken durende tentoonstelling aan de tentoonstelling kon toevoegen.

De show beweert niet echt een ander thema te hebben dan ‘briljante Franse kunst gemaakt in deze tijd’. Maar in de muurtekst komen enkele motieven naar voren.

Eén daarvan is dat deze kunstenaars, die nu vereerd worden, de critici van die tijd vaak van streek maakten. Misschien wel het meest bekend is dat een criticus schilders als Matisse – hier weergegeven door het portret ‘Vrouw in een leunstoel’ en het stilleven ‘Bloemen’ – in diskrediet bracht als ‘’ (wilde beesten) vanwege hun ongebreidelde penseelstreken en assertieve paletten. Nu noemen we ze alleen maar goedkeurend fauvisten.

Ondertussen werd Courbet, wiens krachtige ‘The Wave’ te zien is, bespot vanwege zijn gebruik van dikke verfstreken, aangebracht met een paletmes. En zelfs de hernieuwde liefde van die tijd voor het schilderen van landschappen moest het vooroordeel tegen dat genre overwinnen dat bestond bij de poortwachters van de Franse Academie voor Schilderkunst en Beeldhouwkunst (opgericht in 1648).

En dan is er nog Rodins beeldhouwwerk ‘She Who Was the Helmet Maker’s Once Beautiful Wife’. De titel klinkt beledigend totdat je ontdekt dat sommigen het in de jaren tachtig van de negentiende eeuw als radicaal beschouwden als een kunstenaar ook maar enige aandacht aan ouderen besteedde.

Maar de belangrijkste conclusie van de tentoonstelling is misschien wel de grote verscheidenheid aan kunst die past in de rubriek ‘Franse moderne kunst’.

Je zult de eerder genoemde Monet zien, met zijn uitbarsting van zilverachtig oranje die uit de rechterbovenhoek van het canvas straalt. Hier is Pisarro’s bijna abstracte landschap ‘The Climb’, niet ver van het klassiek verbogen impressionisme van Pierre-Auguste Renoir’s ‘The Vineyards at Cagnes’.

Twee miniatuurlandschappen van Gabriele Müntner bevatten oliën die dik als boter op toast zijn uitgesmeerd en gloeien met een juweelachtige intensiteit. Raoul Dufy’s ‘The Regatta’, met zijn vereenvoudigde menselijke vormen, is bijna cartoonachtig; Yves Tanguy’s ‘Morning Dress’, uit 1946, maakt gebruik van surrealistische, Dali-achtige organische vormen.

Elders is er een Degas-danseres in brons, terwijl het krioelende kubisme van Légers schilderij ‘The Divers’ – dat er in 1941 zeker futuristisch uitzag – in contrast staat met ‘The Elder Sister’ van schilder William Bouguereau (circa 1864), dat een eeuw voordat het werd geschilderd niet zo misplaatst zou hebben geleken in een galerie.

“French Moderns” gaat door in de Frick tot en met 11 oktober.